De man die zichzelf tot keizer kroonde: Joshua Norton van San Francisco
In het negentiende-eeuwse Amerika, waar goudkoorts, burgeroorlog en industriële revolutie de krantenkoppen bepaalden, verscheen in San Francisco een man met een keizerlijke aankondiging. Zijn naam was Joshua Norton, en hij verklaarde zichzelf tot ‘Keizer van de Verenigde Staten’ en later ook ‘Beschermer van Mexico’. Niemand lachte hem uit. Sterker nog, hij werd een geliefd icoon van de stad.
Joshua Abraham Norton werd geboren rond 1818 in Engeland en groeide op in Zuid-Afrika. In de jaren 1840 emigreerde hij naar San Francisco, dat in die tijd een broeinest was van groei en chaos door de Californische goudkoorts. Norton begon als zakenman en speculeerde succesvol in vastgoed en handel.
Zijn fortuin smolt echter weg toen hij in 1852 probeerde de rijstmarkt te monopoliseren. Een mislukte deal leidde tot zijn faillissement. Ontheemd en teleurgesteld verdween hij uit het zakenleven. Maar in 1859 keerde hij terug — met een aankondiging.
Keizer Norton I
Op 17 september 1859 stuurde Joshua Norton een brief naar de kranten van San Francisco waarin hij zichzelf uitriep tot Keizer van de Verenigde Staten. Hij baseerde zijn verklaring op het idee dat de Amerikaanse regering was gecorrumpeerd en niet langer het volk diende.
De kranten, altijd op zoek naar sensationele verhalen, publiceerden zijn proclamatie. En tot ieders verbazing verschenen er geen hoongelach of tegenstand. In plaats daarvan werd Norton een excentrieke maar geliefde figuur. De inwoners van San Francisco behandelden hem als vorst.
Een keizerlijk leven zonder rijkdom
Norton droeg een versleten uniform, versierd met epauletten, en liep dagelijks door de stad, inspecteerde bruggen en hield toespraken. Restaurants accepteerden zijn zelfgemaakte valuta, theaters reserveerden speciale plaatsen voor hem, en zelfs politieagenten salueerden.
Toen hij ooit kort werd gearresteerd wegens ‘krankzinnigheid’, leidde de publieke verontwaardiging tot zijn onmiddellijke vrijlating. De politiechef bood publiekelijk zijn excuses aan en beval zijn agenten om voortaan te buigen voor keizer Norton.
Norton stelde ook decreten op. Zo beval hij de afschaffing van het Amerikaanse Congres en het opheffen van de Democratische en Republikeinse partijen. Sommige van zijn ‘wetten’ waren verrassend vooruitstrevend. Hij pleitte voor een brug tussen San Francisco en Oakland (de latere Bay Bridge) en voor religieuze tolerantie en gelijke rechten voor Afro-Amerikanen en Chinezen.
Humor, waardigheid en menselijkheid
Hoewel zijn titel geen wettelijke basis had, toonden de inwoners van San Francisco bewondering voor zijn waardigheid, beleefdheid en gevoel voor humor. Hij riep geen revolutie uit, hij oefende geen geweld, hij vroeg geen belastingen. In plaats daarvan bood hij een levend commentaar op politiek, autoriteit en menselijkheid.

Een biljet van tien dollar uitgegeven door de keizerlijke regering van Norton I
Zijn bestaan was een vreedzaam protest tegen hypocrisie en machtsmisbruik. Norton werd een spiegel voor een samenleving die vaak blind achter leiders aanliep. Zijn fictieve keizerrijk was in feite een morele aanklacht tegen echte regeringen die hun burgers faalden.
Het einde van een keizer
Op 8 januari 1880 kreeg keizer Norton een beroerte op straat. Hij stierf ter plekke. De volgende dag kopte de krant The Chronicle: “Le roi est mort.” Meer dan 10.000 mensen woonden zijn begrafenis bij. San Francisco was in rouw.
Later werd hij herbegraven op de Woodlawn Cemetery, waar een marmeren grafsteen zijn titel bevestigt: “Norton I – Keizer van de Verenigde Staten en Beschermer van Mexico.”
Een blijvend symbool
Vandaag de dag leeft zijn nalatenschap voort in de cultuur van San Francisco. Hij verschijnt in boeken van Mark Twain en Neil Gaiman. Er zijn theaterstukken, biografieën en zelfs een kaartspel dat zijn beeltenis draagt. Jaarlijks herdenken inwoners van de stad zijn sterfdag met een optocht.
Joshua Norton was misschien een zonderling, maar hij was ook een visionair, een satiricus en een symbool van menselijkheid. Zijn leven bewijst dat zelfs in een wereld vol systemen en regels, er ruimte is voor verbeelding, waardigheid en vriendelijkheid. Hij kroonde zichzelf, maar het was San Francisco dat hem tot keizer maakte.


