
De Tigray-oorlog: Een conflict dat Ethiopië verscheurde
In november 2020 brak in het noorden van Ethiopië een oorlog uit die het hele land in zijn greep hield. Wat begon als een conflict tussen de regering van Ethiopië en het Tigray People’s Liberation Front (TPLF) groeide uit tot een van de dodelijkste oorlogen van de 21e eeuw. Terwijl de gevechten woedden, leden miljoenen mensen onder geweld, honger en gedwongen verplaatsingen. Dit is een verhaal van politiek, macht en de menselijke tol van oorlog.
Dawit stond aan de rand van zijn dorp, een kleine nederzetting in de Tigray-regio. Het was nog donker, en alleen het flauwe licht van de maan liet hem de contouren van de bergen in de verte zien. De stilte werd plotseling doorbroken door het zware gebrom van voertuigen. Binnen enkele minuten waren ze daar: soldaten, zwaarbewapend, die deuren intrapten en mensen uit hun huizen sleurden. Dawit wist dat hij moest rennen, maar waarheen? Dit was zijn thuis.
De oorlog begon officieel op 4 november 2020, toen de Ethiopische premier Abiy Ahmed een militaire operatie aankondigde tegen de TPLF. Volgens de regering had de TPLF militaire bases aangevallen, maar de spanningen tussen beide partijen bestonden al langer. Abiy, die in 2019 nog de Nobelprijs voor de Vrede won, had de TPLF eerder beschuldigd van het ondermijnen van zijn hervormingen en autoriteit.
De historische achtergrond van het conflict
Om te begrijpen waarom de oorlog uitbrak, moet je terugkijken naar de recente geschiedenis van Ethiopië. Na de val van het communistische regime in 1991 kwam de TPLF als dominante kracht naar voren in de Ethiopische politiek. Onder de vlag van de Ethiopian People’s Revolutionary Democratic Front (EPRDF) regeerde de TPLF het land met harde hand. Hoewel Ethiopië economische groei kende, werd de regering beschuldigd van mensenrechtenschendingen en onderdrukking van oppositie.
In 2018 trad Abiy Ahmed aan als premier. Hij beloofde hervormingen en probeerde een einde te maken aan de decennialange controle van de TPLF over het regeringsapparaat. Dit leidde tot spanningen, vooral toen Abiy de federale regering begon te centraliseren. Voor de TPLF, gevestigd in de noordelijke regio Tigray, voelde dit als een bedreiging van hun autonomie.
De escalatie van geweld
De eerste maanden: snelle terreinwinst
Het conflict escaleerde razendsnel na de eerste aanvallen in november 2020. Nadat de Ethiopische premier Abiy Ahmed de militaire operatie tegen de TPLF aankondigde, stuurde de federale regering troepen naar de Tigray-regio. Deze troepen werden gesteund door regionale milities, vooral uit Amhara, en door het leger van buurland Eritrea, dat al jarenlang vijandig stond tegenover de TPLF. Wat begon als een operatie om de controle over Tigray te herstellen, veranderde in een volledige oorlog met verwoestende gevolgen voor de bevolking.

In de vroege maanden van het conflict boekte het Ethiopische leger snel terreinwinst. In november 2020 werden belangrijke steden zoals Mekelle, de hoofdstad van Tigray, ingenomen. Premier Abiy verklaarde kort daarna dat de operatie succesvol was afgerond en dat de rust in de regio was hersteld. Maar achter de officiële verklaringen woedde een genadeloze oorlog. Terwijl het Ethiopische leger en hun bondgenoten de grote steden controleerden, trokken de TPLF-strijders zich terug in de bergen en voerden een felle guerrillaoorlog.

Massamoorden en humanitaire crisis
De situatie verslechterde drastisch in de daaropvolgende maanden. In december 2020 kwamen de eerste meldingen binnen van massamoorden op burgers. Eén van de meest beruchte gevallen was de slachting in Axum, een stad met religieuze en historische betekenis. Eritrese soldaten werden beschuldigd van het doden van honderden burgers, vaak willekeurig, en van plunderingen in heilige plaatsen.
Begin 2021 werden de humanitaire gevolgen van de oorlog steeds duidelijker. De federale regering had communicatie, elektriciteit en transport in Tigray grotendeels afgesloten, waardoor het moeilijk werd voor hulporganisaties om de regio te bereiken. Voedsel- en medicijnentekorten begonnen een kritieke fase te bereiken. In maart 2021 waarschuwden de Verenigde Naties dat Tigray op de rand van een hongersnood stond, met naar schatting 350.000 mensen in een acute noodsituatie.
Het tegenoffensief van de TPLF
In juni 2021 veranderde de dynamiek van het conflict dramatisch. De TPLF lanceerde een grootschalig tegenoffensief en heroverde Mekelle, waarbij het Ethiopische leger gedwongen werd zich terug te trekken. Dit was een enorme klap voor de federale regering, die het conflict tot dan toe als grotendeels gewonnen beschouwde. De TPLF noemde zichzelf vanaf dat moment het Tigray Defense Forces (TDF) en begon op te rukken naar andere regio’s, zoals Amhara en Afar.
De escalatie leidde tot verdere verwoestingen, niet alleen in Tigray, maar ook in deze aangrenzende gebieden. Vanaf juli 2021 kwamen er meldingen van nieuwe massamoorden, gedwongen rekrutering van jongeren, en het gebruik van seksueel geweld als oorlogswapen. Hulporganisaties zoals het Wereldvoedselprogramma (WFP) waarschuwden dat miljoenen mensen in heel Noord-Ethiopië zonder hulp zaten, terwijl gewapende groepen humanitaire konvooien aanvielen.

November 2021: een jaar van oorlog
In november 2021, precies een jaar na het begin van de oorlog, naderden de TDF en hun bondgenoten zelfs de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba. De regering kondigde een noodtoestand af en riep burgers op om wapens op te nemen. Hoewel de dreiging van een aanval op de hoofdstad werd afgewend, bleef het conflict zich uitbreiden en trok het steeds meer burgers mee in de ellende.
De escalatie van geweld bracht Ethiopië aan de rand van de afgrond. Met honderdduizenden doden, miljoenen ontheemden en een groeiende humanitaire crisis werd het duidelijk dat er geen snelle oplossing in zicht was. Elke maand bracht nieuwe aanvallen, meer slachtoffers en een steeds dieper verdeeld land.
Het einde van de oorlog
Na twee jaar van verwoestende gevechten kwam er in november 2022 een onverwachte wending in de Tigray-oorlog. Onder internationale druk, vooral van de Afrikaanse Unie en westerse mogendheden, gingen de Ethiopische regering en het Tigray People’s Liberation Front (TPLF) om de tafel zitten voor vredesonderhandelingen. Deze gesprekken, gehouden in Pretoria, Zuid-Afrika, leidden tot een vredesakkoord dat bedoeld was om het bloedvergieten te beëindigen en een begin te maken aan de wederopbouw van een verscheurd land.
Het vredesakkoord van Pretoria
Het akkoord, ondertekend op 2 november 2022, legde een aantal belangrijke afspraken vast. De TPLF stemde in met ontwapening en het terugtrekken van hun strijders uit bezette gebieden buiten Tigray. Tegelijkertijd beloofde de Ethiopische regering de basisdiensten in Tigray te herstellen, zoals elektriciteit, water, en telecomverbindingen, die sinds het begin van de oorlog waren afgesneden.
De Eritrese troepen, die een beruchte rol hadden gespeeld in de oorlog, werden een ander heikel punt. Hoewel het akkoord hun terugtrekking niet expliciet noemde, kwam er later druk van internationale waarnemers en diplomaten om Eritrea’s betrokkenheid in Ethiopië te beëindigen. Langzaam begonnen Eritrese eenheden zich terug te trekken, maar hun vertrek ging niet zonder incidenten.
Humanitaire hulp hersteld
Een van de belangrijkste uitkomsten van het akkoord was het herstel van de humanitaire hulpverlening in Tigray. In de maanden na het akkoord mochten internationale hulporganisaties eindelijk het gebied weer in, en begonnen konvooien met voedsel, medicijnen en andere essentiële goederen de regio te bereiken. De VN en andere organisaties waarschuwden echter dat de humanitaire situatie in Tigray, Amhara en Afar kritiek bleef, met miljoenen mensen die afhankelijk waren van hulp.
Politieke en sociale spanningen blijven
Hoewel de wapens grotendeels zwegen na november 2022, bleef de situatie in Ethiopië uiterst fragiel. De wederopbouw in Tigray verliep moeizaam, en veel inwoners wantrouwden de beloften van de federale regering. Politieke spanningen in Ethiopië als geheel waren ook niet verdwenen. De oorlog had diepe littekens achtergelaten in de relaties tussen etnische groepen en regio’s, en de centrale vraag over hoe Ethiopië moet worden bestuurd—als een gecentraliseerde staat of een federatie met sterke regionale autonomie—bleef onopgelost.
Hoewel het vredesakkoord een einde maakte aan de intensieve gevechten, betekende het niet dat de vrede gegarandeerd was. Ethiopië stond nog steeds voor enorme uitdagingen, van het herstellen van verwoeste gemeenschappen tot het genezen van de diepgewortelde verdeeldheid die het land had verscheurd.
De gevolgen voor de bevolking
Voor mensen zoals Dawit werd elke dag een strijd om te overleven. Voedsel was schaars, en hulpkonvooien bereikten de regio nauwelijks. Families raakten gescheiden, en kinderen verloren hun ouders.
Dit conflict heeft diepe littekens achtergelaten in Ethiopië, een land dat al worstelde met interne verdeeldheid. De Tigray-oorlog is meer dan een politiek conflict; het is een humanitaire tragedie, waarvan de impact nog generaties lang voelbaar zal zijn.

